Schylge myn lântse

Terschelling wordt niet voor niets “de parel der wadden”  genoemd. De bijzondere combinatie van een strandwal en de daar achter gelegen kwelders maken dat er een unieke variatie aan landschappen bestaat.

Het natuurschoon op Terschelling is het product van de samenwerking tussen mens en natuur. Zonder het opwerpen van de Stuifdijk ten Oosten van Oosterend zou bijvoorbeeld het Europees Natuurreservaat De Boschplaat niet zijn ontstaan.

Ook de prachtige bossen en het elzensingel-gebied zouden er zonder de mens niet zijn geweest, terwijl het Terschellinger product de “cranberry” zonder menselijke bemoeienis niet zo goed wortel had kunnen schieten.

Terschelling telt ongeveer 4700 inwoners verdeeld over 12 dorpen. Deze dorpen zijn gelegen aan een 15 kilometer lange Hoofdweg. Voorts beschikt Teschelling over circa 83 kilometer fietspad en 55 kilometer ruiterroutes.

Het overgrote deel van de ruiterroutes, 43 kilometer is ook geschikt voor paard en wagen. Gezien het terrein is het niet aan te raden met luxe ruituigen te rijden. De ruiterroutes worden in het veld aangegeven door palen met witte afbeeldingen van een wiel. Vrijwel het hele eiland is voor ruiters toegankelijk. De Boschplaat is echter voor ruiters afgesloten, omdat deze té kwetsbaar is. De ruiterroutes doorkruisen bos en duin en op het Noordzeestrand zijn overal ruiters en menners welkom!